Panleucopenie

 

Panleucopenie bij de kat (in fokkerijen ook vaak tyfus genoemd).
Panleucopenie is een zeer ernstige en bijzonder besmettelijke ziekte (door contact met andere katten via het speeksel,

de uitwerpselen, de urine of braaksel; of door contact met besmette uitwerpselen).
De klinische symptomen variëren volgens het ogenblik van de besmetting: • Als een drachtig wijfje besmet raakt met het virus, kan de infectie op de foetus overgedragen worden, wat kan leiden tot

abortus of doodgeboorte van de kittens. Kittens die de besmetting overleven kunnen neurologische problemen vertonen. • Als de infectie na de geboorte overgedragen wordt, vertonen de kittens tal van klinische symptomen: koorts, anorexie, depressie, braken, diarree. De infectie kan snel leiden tot het overlijden van het dier. PREVENTIE - Alle dieren in de fokkerij vaccineren. - Ontsmetten met bleekwater. - Dagelijks de hele fokkerij schoonmaken (kattenbak, etensbakken, drinkbakken.


Coryza of niesziekte


Coryza is een syndroom dat leidt tot een combinatie van ademhalingsproblemen, oogaandoeningen en soms aantasting van de mond. Verschillende virussen en bacteriën liggen aan de basis van coryza: twee virussen, het feliene herpesvirus (FHV-1) en het feliene calicivirus, en twee bacteriën (Chlamydophila felis & Bordetella bronchiseptica). De overdracht : • Rechtstreeks: van de ene kat op de andere (via oog- en neusvocht of door te het niezen) • Onrechtstreeks: via de voeding, etensbakken, kooi en, medewerkers, … De latentiefase • Herpèsvirose
Wist u dat 80% van de katten zijn hele leven lang latent drager is van FHV-1? Wanneer de kat aan stress blootgesteld wordt of met een immunitair onevenwicht te kampen krijgt (bijvoorbeeld tijdens de dracht), kan re-excretie van het virus optreden (1 tot 3 weken later). De kat wordt dan opnieuw ziek en is deze keer veel besmettelijker. Alle latente dragers kunnen het virus opnieuw gaan uitscheiden en blijven dus besmettelijk, zonder noodzakelijkerwijs zelf  
symptomen van de ziekte te vertonen.  PREVENTIE - Alle dieren in de fokkerij vaccineren. - Ontsmetten met bleekwater. - Dagelijks de hele fokkerij schoonmaken (kattenbak, etensbakken, drinkbakken, . - Voeding geven die Lysine bevat. - Stressfactoren vermijden


Calicivirus


Dieren zijn continu besmettelijk, soms zelfs hun hele leven lang. De klinische symptomen: Het is bijna onmogelijk om op basis van symptomen een betrouwbare diagnose te stellen over de betreffende ziekteverwekker (herpesvirus, calicivirus, )